Sinds mijn start in de Slaapgeneeskunde hoorde ik haar naam regelmatig vallen en in de loop der jaren heb ik haar leren kennen als een gepassioneerde dame met een vriendelijke en open persoonlijkheid. Dr. Sonia De Weerdt is longarts en hoofd van het slaaplabo in UZ Brussel, dat bekend staat als een goed geoliede machine en één van de grote slaaplabo’s van het land. We hebben haar recent ook welkom mogen heten in de SomnoMed Advisory Board.
In deze moeilijke tijden, waar het Coronavirus ons in de greep heeft, hangt de gezondheid van vele mensen af van artsen als Dr. De Weerdt en haar team. Toch nam ze even de tijd om ons te woord te staan. 

Dr. De Weerdt, bedankt om een stukje van uw tijd af te staan om met ons te praten in deze aparte tijden. Hoe beleefde u en uw collega’s tot nu toe deze Coronacrisis en welke impact heeft deze situatie op u?

 

Wat voor mij persoonlijk een hele grote impact heeft gehad, is het moeten sluiten en haast volledig staken van alle slaapgerelateerde activiteiten. Sinds ik 16 jaar geleden het slaaplabo heb overgenomen, heb ik gezorgd voor een zeer goede organisatie, een hoog opgeleid team en een exponentiële groei van de activiteiten. Het heeft dan ook voor mij op emotioneel vlak een grote impact gehad, alles te moeten afbreken op 2 dagen. Bovendien werd mijn verpleegkundig personeel, gespecialiseerd in slaap, naar onder andere de Covid-zalen gestuurd. Het voelde aan alsof ik deze dierbare collega’s naar het front stuurde. Voor wat betreft mijn dagelijkse activiteit, die werd volledig ingepalmd door de non-Covid urgente longpathologie. Een pathologie die ik kende, maar waar ik de laatste jaren veel minder actief mee bezig was, en waar uiteraard ook veel veranderd is. Ik heb me toch op sommige vlakken weer wat moeten bijscholen.

 

Het plotselinge sluiten van het slaaplabo is, behalve voor u en uw team, waarschijnlijk ook niet evident geweest voor de patiënten, die in deze periode het slaaplabo nodig hadden. Met uw ervaring heeft u de zorg voor deze patiënten mooi kunnen waarborgen. Kunt u mij beschrijven hoe u dat georganiseerd heeft?

 

Gezien al de niet-dringende activiteiten onmiddellijk moesten worden gestaakt, heb ik in eerste instantie de keuze gemaakt om de meeste afspraken te annuleren, behalve voor de patiënten met een matig of ernstig slaapapneu (meer dan 15 apneus per uur). Ook de patiënten die een slechte compliantie met CPAP vertoonden of die complicaties/moeilijkheden vertoonden in verband met CPAP-therapie, hebben we toch laten komen. De patiënten (althans degenen die durfden te komen) met meer dan 15 apneus per uur zijn opgestart geweest met CPAP-therapie. In een tweede fase heb ik teleconsultatie geregeld voor al de patiënten met milde slaapapneu (minder dan 15 apneus per uur). Indien MRA kon worden voorgesteld, werd deze therapie zo goed mogelijk uitgelegd per telefoon.

Hetzelfde deden we voor gewichtsverlies, KNO-ingrepen en CBT-I. Voor wat betreft de verlengingen CPAP/MRA heeft het RIZIV een automatische 6-maandelijkse verlenging goedgekeurd.

Uiteraard werd elke patiënt, die niet te bereiken was of die niet durfde komen, op een lijst bijgehouden. Hier zal in de heropstartfase van het slaaplabo opnieuw gepoogd worden deze mensen te contacteren.

 

U praat over de heropstartfase. Is deze al in zicht? En heeft u al een plan uitgetekend om dit te doen?

Er is zeker een plan om de activiteiten op het slaaplabo terug op te starten. Echter is er een aantal praktische hindernissen dat moet worden genomen en waar voor het ogenblik volop over nagedacht wordt, ook in andere centra. Een datum om terug de activiteiten op te starten is er echter nog niet. Om te kunnen heropstarten moeten eerst mijn collega pneumologen, die voorlopig op de Covid-afdelingen werken, terugkomen naar de dienst pneumologie. Pas dan kan ik vrijgesteld worden van het werk dat ik nu doe en kan ik terug het slaaplabo opstarten. Daarbuiten moet de overheid ook nog groen licht geven voor de heropstart van niet-dringende activiteiten en dat is voorlopig nog niet het geval.

 

Even specifiek over het MRA nu. U heeft uiteraard de opkomst van het MRA in België van dichtbij meegemaakt en bent ook één van de artsen die er met een zeer open blik naar kijkt. Hoe ziet u de evolutie van het MRA in de slaapgeneeskunde voor de volgende jaren en wat zijn de pijnpunten die de groei van het MRA nog tegenhouden?

 

Het MRA maakt meer en meer deel uit van de behandeling van OSAS en zal de komende jaren groeien. Een pijnpunt blijft de naar mijn idee te strenge terugbetalingsregels voor MRA. Patiënten met OSAS met minder dan 15 apneus per uur hebben zeker zoveel baat bij een behandeling met MRA. Een ander hekelpunt is de soms lange tijd die verstrijkt tussen de diagnose van OSAS en de uiteindelijke behandeling met MRA. Op dit vlak zou zodanig gewerkt moeten worden dat patiënten sneller behandeld kunnen worden. 

 

Ook wij zien de gestage groei van onze Somnodentbeugels in België. Het MRA is dan ook pas in 2018 terugbetaald bij een AHI vanaf 15 door het RIZIV en heeft dus nog een grote groeimarge, zoals we dat in andere landen zien. In vele wetenschappelijke studies wordt beschreven dat het MRA een evenwaardig positief effect heeft op de apneupatiënt als de CPAP. Hoe staat u hier tegenover?

 

In mijn ogen blijft CPAP-therapie de eerste keuze voor de behandeling van OSAS, maar CPAP-therapie is een moeilijke en ingrijpende behandeling. Het MRA heeft daarom volgens mij de voorkeur bij goedgeselecteerde patiënten. De belangrijkste reden waarom er toch geopteerd wordt voor CPAP-therapie als initiatietherapie in plaats van MRA, vooral in het geval van symptomatische patiënten, is de lange wachttijd om zowel NKO als tandarts/MKA-arts te consulteren om uiteindelijk een goedkeuring te ontvangen voor terugbetaling. Ik ben er van overtuigd dat, mocht die weg kunnen verkort worden, het voorschrijven van MRA’s zal toenemen.

 

Ik wil u bedanken voor uw kostbare tijd en ook voor de inzet van u en uw team in deze moeilijke periode. Het is ook duidelijk, dat er buiten, de huidige strijd tegen COVID 19, u ook nog een moeilijke job te wachten staat bij het heropstarten van het slaaplabo, maar ik ben er zeker van dat u ook hierin goed zal slagen. Ik hoop u ook snel weer te zien!

Van mijn kant kan ik, na dit interview, besluiten dat we met SomnoMed nog mooie tijden tegemoet gaan met meer en meer OSAS-patiënten, die met een Somnodent zullen geholpen worden, maar dat er ook een aantal uitdagingen is, die we met veel passie en overtuiging zullen aanpakken!

Door Rafael Agostino